Simple Fade Slider

Please installFlashFox - Flash Browser in order to view content on your Android based mobile device.

Kerkuilen 2016

 
Zo maar eventjes 60 broedgevallen werden genoteerd in 2016! 5 van die 60 broedgevallen zijn tweede broedsels, dit wil zeggen dat een koppel kerkuilen een 2de nest op dezelfde plaats, in hetzelfde jaar. Dit aantal tweede broedsels is waarschijnlijk maar een minimum: niet op alle locaties met vroege jongen werd gecheckt op de aanwezigheid van broedende vogels in het najaar, enkel daar waar de locatiehouders een signaal gaven werd gecontroleerd. Het werkelijk aantal broedgevallen zal dus wellicht een stuk boven de zestig zijn. De volledige gekende kerkuilenpopulatie in onze regio broedt in boerderijen en quasi uitsluitend in nestkasten, er was slecht één zogenaamd ‘vrije’ broedgeval. Het is duidelijk, met de kerkuilen in IJzer en Polder gaat het goed. Euforie is echter bij deze soort uit den boze: één strenge winter en de populatie is gedecimeerd!
 
Na de hoogconjunctuur van de afgelopen twee jaren, was het dit jaar maar pover gesteld met het nestgemiddelde. 2,66 jongen per succesvol nest ligt toch een stuk lager dan het langjarig gemiddelde van drie jongen per nest. In 2014 was het nestgemiddelde meer dan 5 jongen! Met 16 broedgevallen  spande Alveringem de kroon, maar eveneens was het de enige gemeente waar nesten gevonden werden met vijf en zes jongen. Diksmuide volgde met 15 broedgevallen, Houthulst en Veurne hadden er elk 7. Lo-Reninge kwam met 5 broedgevallen op een vijfde plaats. De Panne en Koksijde hadden er 3, Koekelare en Kortemark hadden er elk 2. Nieuwpoort blijft achter zonder broedgevallen.
 
Lees het volledige rapport hier.