Grutto

  • Wetenschappelijke naam: Limosa limosa
  • De Grutto is een steltloper met lange poten en een lange, oranje snavel met zwarte punt. Hij is roodbruin met een witte stuit en witte vleugelstrepen.  In de winter verliest hij zijn rossige kleur. 
  • Lengte: 37-42cm
  • Voedsel: De Grutto eet kleine diertjes zoals wormen en (larven van) insecten. In de overwinteringsgebieden eet hij ook zaden zoals rijst.
  • Je vindt de Grutto in de Blankaart vooral op de drassige hooilanden en weiden en aan de rand van het water. In vlucht is hij makkelijk herkenbaar aan zijn lange snavel en witte vleugelstreep. Maar deze vogel zal je waarschijnlijk eerder horen dan zien. Eens je herkent dat hij eigenlijk zijn eigen naam roept, is het makkelijk om te weten dat er Grutto’s in de buurt zijn.
  • De voorbije 150 jaar zijn mannetjes Grutto steeds bleker geworden. Ze zijn normaal veel bonter gekleurd dan de vrouwtjes en daardoor worden ze gezien als de ideale partner. Maar de laatste jaren blijkt dat vrouwtjes die paren met blekere mannetjes grotere eieren leggen met een grotere overlevingskans.. Mannetjes die er meer uitzien als vrouwtjes zijn tegenwoordig dus succesvoller dan kleurrijke mannetjes.

  • De Grutto is monogaam en blijft erg lang bij zijn partner. Maar ze doen toch de moeite om elkaar het hof te maken. Het mannetje toont zijn vliegkunsten door steil omhoog te vliegen en daarna tollend naar beneden te tuimelen. Hierbij gebruikt hij zijn typische roep die hem zijn passende naam heeft gegeven.
  • Speel ‘alle vogels vliegen’. Iedereen heeft de handen plat op de schoot liggen. Één iemand is spelleider. Wanneer de spelleider zegt 'alle vogels vliegen' moet iedereen met de armen in de lucht 'fladderen'. Het woordje "vogels" mag je vervangen door eender welk dier of voorwerp. Maar wordt er een onmogelijke combinatie genoemd, bv. 'Alle auto's vliegen', dan moeten de handen op je schoot blijven liggen. In snel tempo worden zo wel en niet vliegende dieren of dingen genoemd. Wie zijn handen omhoog steekt bij iets wat niet kan vliegen is af.

    Enkele woorden om mee te beginnen (maar vul gerust zelf aan of laat weg wat te moeilijk is): Mussen, bomen, hommels, muizen, eenden, helikopters, boeken, vorken, tafels, bijen, vliegen, mensen, auto’s, merels, bloemen, libellen, spinnen, duiven, meeuwen, vliegtuigen, boekentassen, wespen …

Grutto
Deze interactieve gidsbeurt werd door Lies Ghysel en Patrick Debeuf gemaakt als eindwerk in het kader van de cursus Natuurgids.

Dank aan:

Image
Image
Image
Image